KSV De Betuwe

Kleiduivenschieten

Kleiduivenschieten is voortgekomen uit de jacht, en werd beoefend door de rijkere mensen om ook buiten het seizoen "in vorm" te blijven. In 1822 komt men al gevallen tegen van kleiduivenschieten in de geschiedenisboeken, welke sport beoefend zou worden door gespecialiseerde schutters met een "excellent oog voor de jacht". Kleiduivenschieten werd gezien als een extraatje ter afsluiting van de jacht, als oefening of als onderwerp van een weddenschap.

In de vroegere jaren ging het er echter een stuk minder humaan aan toe. Aan beide einden van het veld werden manden geplaatst met daarin ettelijke hoeveelheden duiven, en op commando werden deze losgelaten om op die manier hun dood tegemoet te vliegen. In Noord-Amerika is door de beoefening van deze sport de duif op een gegeven ogenblik bijna uitgeroeid.

Toen de duif een beschermde soort werd, hebben de sporters in samenwerking met dierenrechten-organisaties een alternatief ontwikkeld, de voorloper van het kleiduivenschieten (of skeet) zoals we dat nu kennen.

Tijdens de Olympische Zomerspelen van 1900 in Parijs stond het afschieten van levende duiven op het programma. Er werden voor dit onderdeel ongeveer 300 vogels gedood. Na afloop leverde dit veel bloed en veren op. Het onderdeel werd daarom geschrapt en op de Olympische Zomerspelen van 1912 in Stockholm vervangen door kleiduivenschieten.


Kleiduivenschieten les 1 (Engels)

Kleiduivenschieten les 2 (Engels)

Kleiduivenschieten les 3 (Engels)