Olympisch skeet

Olympisch skeet is een van de vele schietsport disciplines die onder auspiciën van het ISSF worden geschoten. Vanaf 1968 heeft deze discipline de Olympische status, en tot en met de spelen van 1992 in Barcelona bestonden de deelnemers uit zowel heren als dames, er werd dus geen onderscheid gemaakt op basis van het geslacht. Na deze Olympische spelen, waren alle ISSF wedstrijden en toernooien uitsluitend toegankelijk voor heren wat op zich controversieel was aangezien het goud op de Olympische spelen was gewonnen door Zhang Shan, een uit China afkomstige dame. Wel waren er officiële Europese- en wereldkampioenschappen voor dames, en in het jaar 2000 is skeet voor dames geïntroduceerd in het Olympische programma.

De Olympische skeet discipline is veruit de moeilijkste van alle bestaande varianten. Zo is bijvoorbeeld de snelheid van de kleiduif hoger, en mag iedere kleiduif maar een keer worden beschoten. Dus wanneer de schutter een enkele kleiduif gepresenteerd krijgt, mag deze slechts één patroon in het geweer laden. Verder is door de jaren heen de Olympische discipline ook onderhevig geweest aan evolutie, zo zijn er steeds veranderingen doorgevoerd in de volgorde van de te schieten kleiduiven, en de toegestane munitie.

De huidige regels:

  • De vluchtafstand van de kleiduif is afgesteld op 67 tot 69 meter.
  • Patronen: maximaal 24 gram staalhagel nr. 7-9.
  • In de wachthouding wordt de onderkant van de kolf op of onder de elleboog gehouden (gemeten t.o.v. ontspannen arm langs het lichaam).
  • De schutter blijft in de wachthouding tot de kleiduif zichtbaar is.
  • Onmiddellijk na het afroepen van de duif wordt deze afgedrukt en een timer “vertraagt” het vertrek van de kleiduif tot maximaal 3 seconden.

Het parcours ziet er als volgt uit:

  • Post 1: hoog, doublet (hoog/laag)
  • Post 2: hoog, doublet (hoog/laag)
  • Post 3: hoog, doublet (hoog/laag)
  • Post 4: hoog, laag
  • Post 5: laag, doublet (laag/hoog)
  • Post 6: laag, doublet (laag/hoog)
  • Post 7: doublet (laag/hoog)
  • Post 4: doublet (hoog/laag), doublet (laag/hoog)
  • Post 8: hoog, laag

De kleiduiven moeten geschoten wordenals volgt:

  • Van post 1 tot post 7: voordat de kleiduif de paal bij het overstaande werphuis voorbij is gevlogen (een afstand van 40,3 meter)
  • Op post 8: voordat de kleiduif de middenpaal is gepasseerd (20,1 meter).
  • Er mag slechts éénmaal op een kleiduif worden geschoten.
  • Wanneer bij een doublet beide kleiduiven worden geraakt met het eerste schot dient de schutter het gehele doublet te herhalen. Indien dit drie maal gebeurt op een post is de score 1-0.
  • Wanneer bij een doublet met het eerste schot de verkeerde kleiduif wordt geschoten dient de schutter het doublet opnieuw te schieten en blijft de eerste nul. Indien dit drie keer gebeurt is de score 0-0.

“No target”-situaties

  • Wanneer een kleiduif kapot uit de machine komt
  • Wanneer een kleiduif duidelijk afwijkend is van vorm of kleur
  • Wanneer de vliegrichting significant afwijkt (mits de kleiduif NIET wordt beschoten)
  • Wanneer bij een doublet de tweede kleiduif wordt gebroken door (de stukken van) de eerste
  • Wanneer de kleiduif valt vóór de 40,3 meter-lijn (aangegeven door de paal bij het tegenovergestelde huis.

Nieuwe regels m.b.t. finalerondes (vanaf 2013)

Bij wedstrijden over 125 duiven kwalificeren de zes beste schutters zich voor de halve finale. In de finalerondes – de halve finale en de daaropvolgende medailleduels – begint elke schutter weer met een score van nul. De behaalde score in de kwalificatie telt dus niet meer mee.

De finales bestaan uit een ‘normaal’ doublet en een ‘omgekeerd’ doublet op de posten 3, 4, 5 en 4 (dus vier kleiduiven per post en een totaal van 16 kleiduiven). De twee beste schutters uit de halve finale schieten in een rechtstreeks duel om het goud en zilver, nadat de nummers drie en vier dit hebben gedaan om het brons.

 

Het volledige ISSF-reglement is hier te vinden.

Het KNSA Schiet- en Wedstrijdreglement voor kleiduiven is hier te vinden.